Gebruik van cookies
In deze website wordt gebruik gemaakt van sessie-, permanente en first party tracking cookies. Voor het plaatsen daarvan is uw toestemming nodig.
Indien u geen toestemming geeft, kunt u de website niet openen. Er wordt gewerkt aan een oplossing om de website ook zonder gebruik van cookies beschikbaar te stellen.
Lees hier meer over de in deze website gebruikte cookies
Immuunsuppressie wordt gekenmerkt door de verlaging van de werkzaamheid van de reactie van het immuunsysteem op lichaamsvreemde stoffen. Dit kan het gevolg zijn van ziekten zoals AIDS en kanker of therapieën, waaronder immuunsuppressieve medicijnen, straling of miltextirpatie1.
Immuunsuppressiva (ISG’s) worden vaak voorgeschreven om de immuunrespons te verminderen voor:2
Immuunsuppressieve geneesmiddelen vormen de steunpilaar van de behandeling na orgaantransplantatie, waardoor op lange termijn het transplantaat overleeft en meer kans op algehele succes van de transplantatie geeft. ISG therapie wordt voornamelijk toegediend gedurende drie fasen na de transplantatie:
De medicijnen die vaak gebruikt worden om het immuunsysteem te onderdrukken zijn ingedeeld in verschillende categorieën op basis van werkingsmechanisme zoals weergegeven in de onderstaande tabel.
| Categorie | Soorten | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Immunofiline-bindende medicijnen | Calcineurineremmers | Cyclosporine A, Tacrolimus |
| Niet-remmers van calcineurine | Sirolimus | |
| Antimetabolieten | Remmers van de novo purine synthese | Mycofenolzuur (MPA) Mycofenolaat mofetil (MMF), Azathioprine |
| Remmers van de novo pyramidine synthese | Leflunomide | |
| Biologische immuusuppressie | Polyclonala antilichamen | Antithymocyt gamma globuline Thymoglobuline |
| Monoclonale antilichamen | Anti-CD3 monoclonaal antilichaam (OKT3), IL-2H (gehumaniseerd) | |
| Overigen | Deoxyspergualine, corticosteroïden, fingolimod (FTY720) |
Immuunsuppressieve therapie is in de afgelopen decennia sterk veranderd met de introductie van nieuwe geneesmiddelen en de ontwikkeling van verschillende geneesmiddelenregimes. De veranderende trends voor het optimaliseren van transplantatiebeheer zijn onder andere:
Afstoting kan ieder op ieder willekeurig moment na transplantatie optreden en vereist veelal ook levenslange toediening van ISG’s. Het behandelingsregiem vereist de regelmatige controle en instelling van ISG-doses om mogelijke afstoting en negatieve effecten die samenhangen met supratherapeutische en subtherapeutische medicijnspiegels, te voorkomen.
Sommige van de algemene technieken voor therapeutische geneesmiddelen monitoring (TGM) omvatten het volgende:
1.
Dalwaarde concentratie monitoring C0): In deze methode wordt de geneesmiddelspiegel vóór het toedienen van de volgende dosis gemeten. Een van de belangrijkste nadelen van deze techniek dat het gewoon een ruwe schatting van de geneesmiddelspiegel gedurende de toedieningsperiode oplevert.5 Het voordeel van C0 monitoring is echter dat het slechts één monster vereist, zodat er geen noodzaak voor patiënten is te wachten om meerdere monsters af te kunnen nemen.
2.
Area under the curve (AUC) monitoren: AUC overwon de beperkingen van het dalmonitoren en is ontwikkeld als een superieure techniek voor de TGM, met de volgende voordelen:
Met een erkende deskundigheid op het gebied van geneesmiddelentesten biedt Siemens Healthcare Diagnostics een uitgebreid en steeds weer uitbreidend testmenu op verschillende analysesystemen. Dit om tegemoet te komen aan de wensen op het gebied van ISG testen van klanten in elke situatie.
Meer informatie over ons complete menu van ISG testen
Referenties
1. National Cancer Institute. Immunosuppression. Link. Accessed Feb 2009.
2. Dreyer MS. Pharmacology for Nurses and Other Health Workers. Pearson South Africa. 2007:197. Link
3. Halloran PF. N Engl J Med. 2004;351:2715-29. Link
4. Brunicardi FC. Schwartz’s Manual of Surgery. McGraw Hill Professional. 2006:218-219. Link
5. Norman DJ. Primer on Transplantation. Blackwell Publishing. 2001:84. Link